Er leven in de praktijk heel veel vragen over ‘inclusieve of passende kinderopvang’. Dat blijkt bijvoorbeeld uit mijn eigen research naar de opvang van ‘zorgkinderen’ (ik spreek dan over ‘kinderen met een bijzondere ondersteuningsvraag’) in de kinderopvang. Maar het blijkt ook uit de vele vragen die de deelnemers aan het congres ‘Inclusieve kinderopvang,’ op 11 juni aanstaande, aan de programmaleiding hebben doorgegeven. Samen met de programmaleiding heb ik geanalyseerd wat er nou allemaal in het veld speelt en dat is nogal wat. In dit artikel ga ik in op welke vragen er zijn over het invoegen van kinderen met een extra ondersteuningsvraag in de groep en of een doelgerichte inzet van de groep belangrijk is. Meteen even een kort antwoord daarop: ja, de groep is een belangrijk element van de kwaliteit in de kinderopvang en die kan en moet veel doelgerichter worden ingezet. Zeker bij kinderen met een bijzondere ondersteuningsvraag in onze groepen. Inpassen is aanpassen!

Positieve grondhouding

Veel organisaties zien goede kansen om zorgkinderen in de reguliere kinderopvang op te vangen en dat getuigt van een positieve grondhouding. En dat is natuurlijk het begin van een inclusieve gedachte. Uit een vragenlijst die ik in 2025 heb uitgezet in het veld blijkt die positieve grondhouding ook absoluut. Ingewikkelder wordt het om de respons te duiden als het gaat om zorgkinderen in de groep. Zo leven er veel vragen over de keuze: ingepast of aangepast’. Daarmee wordt de keuze bedoeld of een zorgaanbod in een ‘gewone groep’ beter is of dat een aangepaste groep voor zorgkinderen beter is. Waar gaat de voorkeur naar uit en hoe stelt men zich dat in de praktijk voor?

Respondenten op mijn vragenlijsten zijn van mening dat er in de kinderopvang genoeg vaardigheden zijn om op een doelgerichte manier de groep te hanteren, met of zonder zorgkinderen erin. Maar veel respondenten zijn tegelijk van mening dat ‘sommige teams’ onvoldoende zijn toegerust om het groepsklimaat en de groepsdynamiek doelgericht in te zetten en dat ‘voor veel teams het moeilijk is om de ondersteuningsvraag van een zorgkind te analyseren, te duiden en een plan te maken’. En op de vraag of men denkt dat dat ‘wij’ in staat zijn om binnen een individueel zorgplan voor een zorgkind (ook) aan te geven op welke manier de groepsdynamiek aangestuurd moet worden, is men nog veel voorzichtiger. Veel respondenten lijken daarom meer te zien in een aangepaste groep voor zorgkinderen, blijkt uit een controlevraag. Het toepassen van 1-op-1 begeleiding wordt vaak een aannemelijke aanpassing gevonden.

Kennis over de groep

Vragen die meer ingingen op het theoretische concept van de groep, het groepsklimaat en de groepsdynamiek, worden met een brede spreiding beantwoord, met ook weer een positieve grondtoon. Daaruit stijgt het beeld op ‘dat een groep in hoge mate een stabiele factor is’ die bovendien ‘in hoge mate kan worden beïnvloed door de begeleiding, de pedagogisch professionals.’ Er lijkt bovendien een sterke overtuiging te bestaan dat de pedagogische waarde van de groep in de kinderopvang groot is, waarbij de meeste scores in een multiple choice gegeven worden aan ‘draagt bij aan de sociaal emotionele ontwikkeling’.

Die overwegend positieve respons strookt niet altijd met wetenschappelijk onderzoek waarin gevonden wordt dat er soms toch ook echt wel sprake is van een negatief groepsklimaat in de kinderopvang, in welke gevallen de pedagogische waarde afneemt (Khalfaoui, García-Carrión et al. 2021). Reden waarom ook in Nederland meer aandacht voor de pedagogische kwaliteit in de groep van de groep wordt bepleit, meer dan alleen die van de individuele interacties (van Schaik, Leseman et al. 2018). Bovendien laat onderzoek van onder andere hoogleraar en lector Ruben Fukkink zien dat PP-ers een groep waarin kinderen met een bijzondere ondersteuningsvraag vaak wordt ervaren als werklast-verzwarend (Fukkink 2025).

Nieuwe standaarden

In de praktijk van de kinderopvang leven er dus veel vragen over de inpasbaarheid van het aanbod aan zorgkinderen in de (reguliere) kinderopvang. En dat is logisch. Wat de kinderopvang dagelijks doet voor de kinderen is heel erg ingekaderd, vastgelegd en onderbouwd door het wettelijk- en kwaliteitskader. We weten precies wat er van ons verwacht wordt en de patronen zijn stevig ingeslepen. Maar nu moeten die routines aangepast worden. Deelnemers aan het congres van 11 juni aanstaande vragen zich bijvoorbeeld af ‘wat de haalbaarheid is binnen de BKR, de inspecties en de werklast van de PP-ers’. Ook de fysieke omgeving in de groepen leveren vragen op. ‘Hoe maak je een groep prikkelarm’ en ‘Hoe kunnen we de vakbekwaamheid van PP-ers verbreden?’ Op het congres zal ik proberen die vragen in te kaderen en waar mogelijk heldere lijnen met de deelnemers aanbrengen.

👉 Je kunt nog meedoen aan het congres !

Theorie in praktijk

Begin dit jaar heb ik me helemaal toegelegd op de theorie en praktijk van ‘Zorgenkinderen in de Groep’. Het is belangrijk om daarbij altijd de pedagogische ondersteuningsvragen als uitgangspunt te nemen, bij àlle kinderen. Ten tweede is meer kennis over het doelgericht inzetten van de groep, het groepsklimaat en de groepsdynamiek broodnodig. In het boek heb ik daarvoor een flinke theoretische basis gelegd en die heel praktisch toepasbaar gemaakt voor de praktijk.

Zorgenkinderen in de Groep

Een onmisbaar boek over zorgkinderen in de groep op weg naar inclusieve kinderopvang.

Kiki Heutink was betrokken bij “Zorgenkinderen in de Groep” in de ontwikkelfase en als proeflezer van het eindmanuscript. Dit is haar tip voor geïnteresseerde lezers:

Een zeer compact en overzichtelijk boek met veel praktische en herkenbare voorbeelden en tips. Ideaal ook dat deze verwerkt zijn in tabellen, schema´s en stappenplannen. Er worden herkenbare vraagstukken en dilemma´s beschreven, die met achtergronden en onderzoeken worden vergeleken, onderbouwd of juist ontkracht. Er wordt mooi onderscheid gemaakt tussen eigen rol en mogelijke vooroordelen en dat waar de vraag van het kind ligt, waardoor je meer leert kijken naar de kracht van de groep en wat je wel kunt doen. Het boek maakt toewerken naar inclusieve kinderopvang werkbaarder.

 

 

 

April 2026, Betsy van de Grift.

Op dit artikel rust auteursrecht ©BETSY VAN DE GRIFT BV

Fukkink, R. (2025). “Zorgen voor zorgkinderen in de kinderopvang: Ervaringen van pedagogische professionals.”

Khalfaoui, A., R. García-Carrión and L. Villardón-Gallego (2021). “A systematic review of the literature on aspects affecting positive classroom climate in multicultural early childhood education.” Early Childhood Education Journal 49(1): 71-81.

van Schaik, S. D., P. P. Leseman and M. de Haan (2018). “Using a group‐centered approach to observe interactions in early childhood education.” Child Development 89(3): 897-913.

van de Grift, B. (2026). ‘Zorgenkinderen in de Groep’, Utrecht, Probook.